Bommen op Oostburg

Op vrijdag 29 en zaterdag 30 september 1944 worden er luchtaanvallen op Oostburg uitgevoerd. Twee burgers en elf Wehrmachtsoldaten komen om. De meeste aanvallen zijn gericht op de Duitse geschutsopstellingen buiten de bebouwde kom. Generaal Simonds meldt aan het geallieerde hoofdkwartier, dat de strooibiljetten voor Walcheren klaar zijn. Daarmee moeten de inwoners van Walcheren worden gewaarschuwd voor het bombardement van de dijken en mogelijke overstroming.

kaartje29september

 

bannerdagboek2

Uit het dagboek van J.C.C. Henry uit Aardenburg, 29 september 1944:

‘Niemand ziet het eind of begrijpt, hoe de bevrijding moet koomen. We zitten nu juist tussen twee fronten: de Duischers schieten vanaf de Liter en de geallieerden vanaf het Leopoldkanaal maar in Aardenburg zelf zijn er gister en vandaag geen granaten gevallen. Er worden veel koeien getroffen, waardoor we elke dag noodslachting hebben, dus aan vleesch geen gebrek. Slapen deden we vannacht ook goed; we hebben de resorbak in de kelder met een bed erop en daar liggen we best op. Overdag branden we, zoo nodig, een kaars; ’s avonds een looplampje en eten dan een noot en een appel, en als we slapen gaan, brandt er een waxinelichtje. Hansje en de kinders van Marcel slapen de heele nacht door. Alle aardenburgers zijn thans kelderbewoners, veel families bij elkaar. Bij Dr. De Hullu slapen er circa 20 in de kelder en is daar ook een kindje gebooren.’

‘We deden het voor het avontuur, maar ook om de rest van Nederland te bevrijden’

Het oosten van Zeeuws-Vlaanderen leek op 29 september 1944 in wat rustiger vaaarwater terecht te komen.  ‘Leek’ want er gebeurde nog van alles. En omdat in de hand te houden riepen de geallieerden jonge mannen op om zich vrijwillig aan te melden als soldaat. De opkomst was groot en een van die mannen die zich aan meldden was Jaap Lukasse die toen in Hontenisse woonde….

 

Comments are closed.